INCI-naamgeving lijkt een administratief detail totdat een etiket bij invoer wordt afgewezen of een audit een niet-aangegeven drager markeert. Voor inkopers en formuleerders die met plantenstoffen werken, is naamgeving de plek waar chemie, inkoop en regelgeving samenkomen op één regel van de verpakking. Deze gids legt uit hoe natuurlijke en gemengde ingrediënten worden benoemd — en waar de veelvoorkomende fouten zich verschuilen.
Wat INCI eigenlijk is
De International Nomenclature of Cosmetic Ingredients kent aan elke grondstof één gestandaardiseerde naam toe, onafhankelijk van handelsnamen of taal. Een etiket declareert wat er in het product zit met INCI-namen, in aflopende volgorde van concentratie. Het systeem laat een toezichthouder, retailer of consument op elke markt dezelfde ingrediëntidentiteit lezen — de naam die een leverancier op een vat drukt, is dus niet de naam die op een verpakking hoort.
Een enkele plantenstof benoemen
Een plantaardig materiaal wordt opgebouwd uit de Latijnse soortnaam plus het plantendeel en het proces. Het patroon is Geslacht soort, plantendeel, proces:
| Materiaal | INCI-naam |
|---|---|
| Etherische lavendelolie | Lavandula Angustifolia Oil |
| Zoete-amandel-dragerolie | Prunus Amygdalus Dulcis Oil |
| Goudsbloembloem-extract | Calendula Officinalis Flower Extract |
De Latijnse basis is bewust: "lavendel" omvat meerdere soorten met verschillende profielen, terwijl Lavandula Angustifolia Oil er precies één benoemt.
Extracten, maceraten en het woord dat verandert
Het proceswoord is niet decoratief. Een etherische olie (vluchtig, gedistilleerd) eindigt op Oil; een oplosmiddelextract eindigt op Extract; een plantenstof die gemacereerd is in een dragerolie wordt aangegeven als de dragerolie plus de gemacereerde plant, niet als een op zichzelf staande "oil". Een CO2- of oplosmiddelextract een "oil" noemen, of omgekeerd, declareert een ander materiaal dan dat in de fles — een frequente en zwaarwegende vergissing.